Literaire canon 2025

Lees voor

In 2015 werd de eerste editie van de Canon van de Nederlandstalige literatuur gepubliceerd. Iedere vijf jaar wordt deze lijst van vijftig werken van groot historisch belang herzien. De tweede herijking is nu een feit. De literaire canon is een initiatief van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren (KANTL), met de steun van Literatuur Vlaanderen. Hij is bestemd voor onderwijs, overheid, uitgevers en lezers.

In de editie van 2020 stonden vijf titels van vrouwelijke auteurs. Deze maal verwierven meer vrouwen een plek in de literaire canon, onder wie Virginie Loveling met Een revolverschot (1911). Meer over haar scherpe pen lees je in het venster ‘meisjes naar school’. Voor het eerst werd ook kinder- en jeugdliteratuur geselecteerd. De selectie is heel divers. Zo is er bovendien aandacht voor muzikale publicaties zoals het Gruuthuseliedboek (ca. 1400).  Dit handschrift – de oudste bron met (eenstemmige) Middelnederlandse liederen die vergezeld zijn van muzieknotatie – vind je ook in het venster over polyfone muziek in de Lage Landen.

De oudste literaire werken in de lijst zijn de Liederen (ca. 1240) van Hadewijch en Van den vos Reynaerde (ca. 1260) van Willem die Madocke maecte. In onze Canon kreeg Hadewijch een plaats binnen het venster ‘vrouwen verenigen zich’. De sluwe middeleeuwse vos is dan weer de blikvanger van het venster over literatuur in de volkstaal. Meer recent is onder meer De Oostakkerse gedichten (1955) van Hugo Claus, blikvanger van het venster over artistieke vernieuwing na 1945. In tegenstellig tot Claus’ boek Het verdriet van België (1983) moest de bundel uit 1955 zijn plek niet afstaan. Wie de gloednieuwe lijst bekijkt, zal merken dat er nog enkele overlappingen zijn met de Canon van Vlaanderen. Veel speur- en leesplezier!